Home Page

Icon   VECHT VOOR JEZELF
Icon    E-mail: hulp@pesten.net

onafhankelijke website www.pesten.net

Met mooi weer ging ik vaak op de fiets naar school. Maar ook dat werd me niet gemakkelijk gemaakt. Ik kreeg er bijna een hekel aan om op de fiets te gaan. Op een keer, toen ik met Simon naar huis fietste, was Jaap nog erger dan anders. Normaal hield hij het bij vervelende opmerkingen, maar toen fietste hij rakelings langs me heen. Simon reed aan de binnenkant, dus die had er geen last van. Rob, zijn compagnon, deed Jaap na. Nog zo'n na-aper. Toevallig had hij ook lang haar, net als Jaap. "Kijk eens uit joh, Dombo", riep Jaap achterom naar mij. Ze keerden om en kwamen terug. Aan de verbeten trek op hun gezicht zag ik, dat ze hier voorlopig niet mee zouden ophouden. Ondanks het feit dat ik besloten had om boven de pesterijen te staan, kreeg ik er toch weer de zenuwen van. "Durf je wel hè, uitslover!", riep ik Jaap na toen hij weer rakelings langs me heen scheerde. En hij bleef terugkomen. Telkens probeerde hij mij en Simon te laten stoppen. We probeerden zo goed en zo kwaad als het ging om door te blijven rijden. Maar ze wisten niet van ophouden. Op een gegeven moment moesten we toch afstappen om ongelukken te voorkomen. Ze bleven voor ons rijden en hadden toen plotseling de weg geblokkeerd. We waren nu helemaal klemgereden. Deze keer ging hij echt te ver. Ik moest er iets aan doen, en Jaap, die lafaard, moest een lesje leren....

"Willen jullie er langs?", vroeg Jaap op een treiterende toon. "Wat dacht je dan", zei ik geïrriteerd. "Doe toch eens normaal joh", voegde Simon toe. Jaap en Rob lachten honend naar mij: "Dombo!" Ze moesten mij dus hebben. Ik haalde diep adem. Dit was dus het moment. Ik kon niet meer terug, ik moest ze laten zien dat ze niet met me konden spotten. Dit was voor mij de druppel die de emmer deed overlopen en dat zouden ze weten. Het gonsde door mijn hoofd. Nu moest het gaan gebeuren. Al de pesterijen en gemene opmerkingen van de laatste tijd kwamen weer in mijn gedachten naar boven. De vloed van gedachten was niet meer te stoppen. "Laat ons erdoor." zei ik met trillende stem. Dat was mijn laatste poging om het conflict vredelievend op te lossen. Ik keek naar de grond en slikte. Ik pakte het stuur van Jaap beet en probeerde hem opzij te duwen. "Blijf van mijn fiets af", deed Jaap verontwaardigd terug. Nu werd het voor hem ook menens. Het moest. Ik kon niet altijd over me laten lopen. "Niet zolang je ons er niet doorlaat." Ik hield vastberaden zijn stuur beet en trok met alle kracht. Hij wankelde en raakte bijna uit zijn evenwicht. Dat had hij duidelijk niet verwacht. "Zo, wil je vechten?" probeerde hij. Het klonk niet zo dreigend als het had moeten klinken. Dat gaf me moed. Hij zag dat het nu menens was en dat had hij blijkbaar niet verwacht. Vroeger was ik misschien opgehouden maar nu, op dit moment, kon en wilde ik niet meer terug. Mijn hart bonkte in mijn keel. Het moest. "Ja", zei ik vastberaden. De rest zag ik door een waas van tranen. Ik kon me later niet eens meer herinneren dat ik mijn fiets had neergelegd. Mijn opgekropte woede kreeg nu de vrije loop. Ik zag niet eens waar ik sloeg, maar ik sloeg alle gevoelens van machteloosheid zo hard mogelijk van me af. Jaap liep langzaam achteruit. Vanaf de kant werd ik aangemoedigd: "Goed zo, Dombo!" hoorde ik. Het waren jongens uit de klas. Het deed me goed. Ik moest mezelf bewijzen en ik kon het. Ik voelde me opeens heel sterk. Het zout van de tranen slikte ik door. De waas voor mijn ogen verdween, ik had de situatie nu onder contrôle. Alle onzekerheid was verdwenen. Ik bleef kalm slaan en duwen, en voelde dat er weinig weerstand was. Jaap liep steeds verder achteruit, steeds dichter naar een boom. Hij botste er van achteren hard tegenaan. Er klonk een luid gelach. Blijkbaar waren er meer komen kijken. Ik zou winnen, dat stond nu wel vast. "Hij heeft een bloedneus!", werd er geroepen. Ik zag het nu ook. Er liep bloed naar z'n mond. Jaap liep wankelend opzij en stond weer stil. Hij veegde met zijn handen de haren van zijn gezicht en streek langs zijn neus. Hij ontdekte verdwaasd het bloed op zijn handen, vloekte, draaide zich om en liep weg. Hij wist nu ook dat hij had verloren. Hij zei niets meer. Helemaal niets.

"Net goed!" hoorde ik iemand zeggen. Ik liep naar Simon, die al met m'n fiets klaar stond. Hij keek me waarderend aan toen hij me m'n fiets teruggaf. Ik stapte op en fietste meteen weg, de toeschouwers met hun bemoedigende opmerkingen achterlatend. Wie die toeschouwers geweest waren wist ik verder niet. Maar het deed er ook niet meer toe. Ik ben nog nooit zo opgelucht naar huis gefietst. En daarna was hij niet zo vervelend meer. Zelfs Steen was sinds die tijd aanmerkelijk rustiger. Eindelijk rust voor mij.

Bron: Internet


Terug








De ervaringen van pestslachtoffers op deze website zijn ofwel direct door de betrokkene, danwel indirect via betrouwbare medewerkers aan ons verstrekt, maar altijd pas na toestemming van de betrokkene zelf gepubliceerd. De medewerkers van www.pesten.net aanvaarden op geen enkele wijze aansprakelijkheid voor de gevolgen van eventuele onjuiste weergave van zaken door de betrokkenen.