Home Page

Icon   ONDER HET JUK VAN DE SPOT
Icon    E-mail: hulp@pesten.net

onafhankelijke website www.pesten.net

Het viel niet mee om het onderstaande verhaal op te schrijven. Ik heb het al eens eerder in meer losse stukken opgeschreven voor een correspondentie-vriendin en ik heb het ooit mijn moeder verteld. Verscheidene vrienden en vriendinnen kennen het verhaal inmiddels ook. Maar tegelijkertijd zie ik andere vrienden en familieleden voor me met wie ik dit niet zou willen delen. Het is daarom ook dat ik anoniem wil blijven en sommige dingen een beetje vaag houd. Als ik er weer helemaal in terugduik, ligt het blijkbaar toch nog wel een beetje gevoelig. De reden waarom ik m'n verhaal toch op het Internet wil zetten, is dat ik hoop dat iemand er wat aan heeft.

Mijn pesttijd was verschrikkelijk, maar het heeft één heel belangrijk positief bijverschijnsel gehad: het heeft me op het spoor gezet van een soort van heel intensief zelfonderzoek. Ik ben me heel bewust gaan bezighouden met geluk en hoe ik zelf verbetering kon brengen in mijn eigen situatie. Wat me daar onzettend bij geholpen heeft zijn twee boeken van de schrijver Wayne Dyer: "Niet morgen, maar nu" en "Het heft in eigen handen". Hoewel geen oplossing voor pesten, heb ik hiervan geleerd dat andermans oordeel over mij eigenlijk niks zegt over wie ik ben. En ik heb geleerd dat zo'n oordeel geen invloed hoeft te hebben op je gevoelens en al helemaal niet op je gevoel van eigenwaarde. Het heeft de nodige tijd gekost om hier achter te komen en ook wel veel oefening om dit "toe te passen". Maar uiteindelijk ben ik, onder andere hierdoor, heel sterk en gelukkig uit mijn pestperiode tevoorschijn gekomen.

Tegen iedereen die worstelt met menselijke problemen en specifiek voor hen die gepest worden of zich anderszins met pesten bezighouden, zou ik met klem willen zeggen: léés die twee boeken van Dyer. Het zijn de meest probleemoplossende boeken waar ik ooit mee in aanraking ben gekomen. Steun zoeken bij anderen is heel belangrijk en ik denk zo goed als onmisbaar, maar je kunt daarnaast zelf ook heel veel doen.


Mijn middelbare schooltijd was niet zozeer een ellendige tijd doordat ik continu gepest werd, maar meer door de langdurige en ingrijpende gevolgen ervan. Het pesten zelf was zelfs nooit echt fysiek en zeker ook niet continu. De pesterijen hebben "maar" twee jaar geduurd, en het betrof "slechts" vernederende opmerkingen. Ooit vertelde ik aan een vriend die bijna al die jaren bij mij in de klas had gezeten over hoe ik nog in mijn maag zat met die pesterijen. Tot mijn verbazing liet hij mij weten dat hij nooit beseft had dat het zo erg was geweest. Nu ik er zelf jaren later opnieuw naar terugkijk, zie ik ook dat de gevolgen van de pesterijen - de inééngekrompenheid, depressie en eenzaamheid - me veel helderder zijn bijgebleven dan de concrete pesterijen zelf.

Tot mijn twaalfde jaar had ik een vrij gelukkig leventje. Ik kom uit een fijn, gezellig, reislustig gezin, waarbinnen voor de belangrijkste dingen meestal ook wel genoeg geld was. Op mijn lagere school behoorde ik tot de "centrale" figuren van de klas en had ik veel vriendjes en vriendinnetjes. De toets aan het einde van de lagere school wees uit dat ik als één van de weinigen van mijn klas geschikt was voor het VWO. Mijn ouders kozen voor mij een middelbare school die een degelijke naam had. Het eerste jaar was het hard werken geblazen en een groot deel van mijn vrije tijd ging op aan huiswerk maken. Maar het lukte me wel om m’n hoofd boven water te houden.

Echt thuis voelde ik me op die school niet. Het was ook nogal massaal, maar die ervaring is voor een brugklasser denk ik niet zo uitzonderlijk. Ook had ik mijn "centrale positie" moeten inleveren, maar in mijn brugklas was er eigenlijk niet echt sprake van een sterke onderverdeling in aparte clubjes. Na afloop van het eerste jaar werden alle brugklassers "door elkaar gehusseld" en zodoende kwam ik in het tweede jaar weer in een hele nieuwe klas terecht.

Het was in dit tweede jaar dat de ellende begon. De "populaire kern" van de klas werd al snel gevormd door vier jongens. Zij waren het die de grapjes maakten en zij waren het die het nodig vonden om sommige klasgenoten belachelijk te maken. Echt fysiek treiteren was er nooit bij, maar je hoefde ook maar iets te zeggen, ook maar een beetje boven het maaiveld uit te steken, of een fout te maken bij een mondelinge overhoring of er werd meedogenloos op ingehaakt door een opmerking hierover, gevolgd door gezamelijke lachsalvo’s.

Ooit was ik gewend een min of meer vooraanstaande rol te spelen, nu ineens werd ik de grond ingeboord. Naar school gaan werd een akelige toestand. Ik vond het vreselijk om regelmatig het middelpunt van spot te moeten zijn. Ik voelde mezelf zo langzamerhand steeds lelijker en stommer worden. Ik had geen verweer tegen hun opmerkingen en het enige wat ik kon doen was me steeds kleiner maken: steeds stiller en onopvallender worden. Ik ging ook steeds krommer lopen.

Het ergste nog vond ik het om uitgemaakt te worden voor "homo". Als iemand mij nu voor homo zou uitmaken, dan zou ik zeggen: "Al was ik homo, dan zou ik me daar niet voor schamen" en nu is zelfs één van mijn beste vrienden homo, maar in die tijd voelde ik het als de ergste verdenking die op me kon rusten; een totale vernedering die continu als een zwaard van Damocles boven m’n hoofd hing. Ik was bang en weerloos.

Ook in het daaropvolgende, derde jaar maakte de "bende van vier" mij het leven zuur. Gelukkig had ik wel twee vrienden, helemaal alleen was ik niet, maar een vertrouwensband had ik met geen van beiden. Na het derde jaar kwam het vierde jaar, en wederom werden door vakkenpakketkeuzes de klassen door elkaar geschud en werd ik verlost van mijn pesters. Ondanks dat ik nu verlost was de spot en de uitlacherij, bleef ik in mijn hele bestaan doordrongen van mijn vernedering en bleef de huiswerkdruk onveranderd hoog. Zonder dat ik het toen in de gaten had, was mijn leventje na de lagere school totaal veranderd. Ik had nog maar heel weinig vrienden, leefde teruggetrokken op mijn kamertje, was bang om voor mezelf op te komen en verveelde me te pletter in de vakanties.

Ondanks dat het huiswerk veel tijd vergde, keek ik ook veel televisie. Het was een vlucht, een verdoving bijna, een afleiding uit het grijze, akelige bestaan op school. Wat ook belangrijk was, was dat zich in die jaren een vriendschap verder ontwikkelde. Met hem heb ik toch nog veel plezier op school kunnen beleven. Maar ondanks deze vriendschap begon ik, pas in het examenjaar, te beseffen hoe eenzaam, grijs en "onderdrukt" mijn leven was geworden. Toch kwam het zelfs toen niet in me op hier met iemand over te praten.

Pas jaren later, toen ik al lang van de middelbare school af was, zag ik in dat er iets vreemds met me gaande was geweest. Tijdens en direct na mijn jaren van de pesterijen had ik me wel erg rot gevoeld, maar het was gewoon niet in me opgekomen om hulp te zoeken, of er met iemand over te gaan praten. Nog steeds weet ik niet precies waarom ik geen initiatief had genomen om iets aan mijn situatie te doen. Waarschijnlijk was ik gewoon erg gefixeerd op mijn schoolprestaties (die altijd onveranderd goed bleven) en was ik een beetje verdoofd door de werkdruk die dit met zich meebracht. Waarschijnlijk kwam het ook doordat ik tot dan toe altijd een heel gelukkig leventje had gehad; dit was de eerste keer dat het mis ging en ik wist dus niet precies wat me overkwam. En ondanks het plezier dat ik altijd had gehad in het gezin waaruit ik kom, had ik geen vertrouwelijke altijd-over-alles-praten band met mijn ouders ontwikkeld. Misschien kwam het doordat ik uit een gezin kwam dat in mijn ogen zelf voor een groot deel uit "populaire figuren" bestond, en ik onbewust voelde bij hen niet terecht te kunnen.

Wel ben ik, en dat was cruciaal, voor het eerst "met mezelf in gesprek geraakt": ik ben gaan schrijven in een soort van dagboekvorm. Ik ben gaan schrijven over alle ongemakkelijkheden die ik op dat moment in mijn leven voelde. Alles wat me dwarszat ben ik op papier gaan zetten. Het was een openbaring voor me; de eerste lichtstralen van een nieuw leven. Eindelijk ging ik greep krijgen op de zaak. In die tijd ging ik ook studeren in de "grote stad". Voor mij was dat echt een nieuw begin. Ik had me voorgenomen om alles wat me ook maar dwarszat, elke angst, zorg, onzekerheid en frustratie van me af te schrijven. Eindelijk leerde ik mezelf kennen; het was of er beetje bij beetje een juk van mijn schouders werd gelicht.

Na een jaar kwam ik in contact met een meisje (een correspondentievriendin) dat zo’n beetje dezelfde problemen had gehad. We hebben veel met elkaar geschreven en het was zij die me aanraadde het boek "Niet morgen, maar nu" van de schrijver Wayne Dyer te gaan lezen. In de bibliotheek was het uitgeleend en ik liet het er maar bij zitten.

In de loop van de jaren kwam mijn leven verder tot bloei. Ik genoot van mijn vrije leventje als student, deed nieuwe vrienden op bij wie ik eindelijk helemaal mezelf kon zijn en kon lachen. Ook maakte ik weer reizen. Ik ben nooit lid geworden van studentenverenigingen en ging ook nooit naar café's en dergelijke; dat studenten- uitgaanswereldje vond ik afschuwelijk. Alles leek nu goed te gaan, maar ik kreeg ik ineens te maken met een flinke persoonlijke tegenslag. Maar tot mijn geluk kwam ik juist op dat moment stomtoevallig dat boek van Dyer tegen in de boekenkast van een vriendin.

Dit was eigenlijk mijn tweede grote sprong voorwaarts; opnieuw leerde ik mezelf veel beter begrijpen; nu niet door schrijven, maar door lezen. De laatste studiejaren heb ik veel vrije tijd gestoken in het lezen en herlezen van dit en vooral ook andere boeken van Dyer. Niet alles hierin zegt me even veel, maar ik heb echt het gevoel tot rust te zijn gekomen en mijn leven te kunnen leiden zoals ik dat wil. Wat zou me een hoop ellende bespaard zijn gebleven als ik deze bron eerder had aangeboord. Mijn vertrouwen in mezelf en in het leven is weer helemaal hersteld. Als ik m'n oude dagboeken teruglees, kan ik bijna niet meer bevatten hoe bang en onzeker ik vroeger was. Ik kon toen niet bevatten dat die hele negatieve periode voorbij zou gaan en dat er nog zoveel voor me lag.


Terug








De ervaringen van pestslachtoffers op deze website zijn ofwel direct door de betrokkene, danwel indirect via betrouwbare medewerkers aan ons verstrekt, maar altijd pas na toestemming van de betrokkene zelf gepubliceerd. De medewerkers van www.pesten.net aanvaarden op geen enkele wijze aansprakelijkheid voor de gevolgen van eventuele onjuiste weergave van zaken door de betrokkenen.